Uitgever van vakbladen voor voeding en horeca

Food & Meat: sectoroverzicht

Aandeel vlees blijft verminderen

Het waardeaandeel van vlees blijft verder afnemen. In tegenstelling tot vers vlees blijft het verbruik van vleeswaren dan weer stabiel met een vrij constante aankoopfrequentie. Binnen het segment vers vlees noteren we weinig verschuivingen. Schapen- en lamsvlees winnen op lange termijn terrein en paarden– en orgaanvlees vinden steeds moeilijker afnemers. ‘DIS 1’ (discounters of supermarkten) blijft het belangrijkste aankoopkanaal voor vers vlees en de hard discount wint terrein.

 

Buffet (Pixabay)

 

Dit blijkt uit gegevens die VLAM aankocht bij GfK Belgium, die de aankopen van 5.000 Belgische gezinnen voor thuisverbruik opvolgt, uit een online onderzoek dat iVox in opdracht van VLAM uitvoerde bij 1.000 Belgen tussen 18 en 64 jaar en uit de Marktmaker, de online research community van VLAM.

 

Belgen zijn vleeseters

Cordon bleu (Pixabay)

Wanneer we het verbruik van vis en vlees vergelijken, zien we dat de voorkeur van de Belg blijft uitgaan naar een stukje vlees. Het volumeaandeel van vis steeg de afgelopen vier jaar voortdurend. In 2012 maakte dat slechts 12,3% uit, in 2016 reeds 18%. Het aandeel vers vlees (rund- en kalfsvlees, varkensvlees,   schapen- en lamsvlees, paardenvlees, orgaanvlees en vleesmengelingen) krimpt daarentegen. Ook het aandeel van kip en gevogelte & konijn neemt steeds verder toe en bedroeg al 31,2%. Vers blijft de voorkeur genieten boven diepvriesvlees. Vlees staat dus nog voor 50% van de totale korf.

De Belg is een echte vleeseter

63% van de Belgen verklaren minstens 4 keer per week vlees te eten en 24% zelfs bijna dagelijks. Daartegenover staat dat 21% meer dan 1 keer per week vis of week- of schaaldieren eet en eveneens 21% meer dan 1 keer per week vegetarisch. Amper 5% van de Belgen tussen 18 en 65 jaar zijn vegetariër. Dit zien we ook terug in de cijfers van het marktonderzoeksbureau GfK België. Hieruit blijkt dat in 2016

– het thuisverbruik van vlees, gevogelte en wild 29 kg per capita bedraagt. Daarbij gaat het om 19 kg vlees en 10 kg gevogelte en wild

– 6 kg per capita voor vis, week- en schaaldieren

– 0,3 kg per capita voor de vegetarische vleesvervangers. Bij dit laatste moet wel opgemerkt worden dat men ook op andere manieren vegetarisch kan eten dan via de typische vleesvervangers.

 

Soorten vers vlees

Tussen 2005 en 2014 at de Belg iets meer dan 8 kilo minder vlees. In totaal daalde het verbruik per inwoner van 65,9 kilo in 2005 tot 57,8 kilo in 2014. Dat blijkt uit de bevoorradingsbalansen ‘vlees’ van de Algemene Directie Statistiek-Statistics Belgium. Globaal genomen daalde de vleesconsumptie met 12% in die periode. Procentueel nam het verbruik van schapen-, geiten- (-41%) en paardenvlees (-35%) het meest af. Deze twee samen maken slechts twee procent uit van de totale menselijke vleesconsumptie. De consumptie van runds- en kalfsvlees nam echter ook af, met meer dan een vijfde: van 13,8 naar 10,7 kilo (-22%). De kleinste relatieve afnames werden opgetekend voor de vleessoorten waarvan we het meeste eten, namelijk varkensvlees (-7%) en gevogelte (-2%). Er komt tegenwoordig nog 25,1 kilo varkensvlees en 15,9 kilo gevogelte op ons bord.

(bron: Fod Economie)

 

Verkoop

Uit de resultaten van het Huishoudbudgetonderzoek blijkt dat de Belg in 2014 gemiddeld 481 euro uitgaf aan vlees. Ten opzichte van 2004 gaat het om een stijging van 8 procent, maar de gemiddelde levensduurte steeg in diezelfde periode met 23 procent en de gemiddelde prijs van vlees met 26 procent. “Dat betekent dat de Belgen dus relatief minder uitgeven aan vlees”, zegt Stephan Moens van de directie Statistiek. “Er is een duidelijke evolutie merkbaar: de Belg heeft de voorbije jaren duidelijk minder vlees verbruikt.” Over de motivaties kan hij zich niet uitspreken. Vlam geeft daarop wel een aantal motieven weer waarom de Belgen minder voor vlees kiezen. Er zijn verschillende drijfveren: gezondheid, variatie, impact op het milieu, de prijs en het dierenwelzijn., … De Belg beseft wel goed dat vlees essentiële voedingsstoffen bevat en bijgevolg niet zomaar geschrapt kan worden uit een gezonde en evenwichtige voeding.

In 2014 was vlees goed voor 26 procent van de totale voedingsuitgaven bij de doorsnee Belg, terwijl dat tien jaar voordien nog 29 procent was. Brusselaars geven zowel in absolute als in relatieve cijfers het minst uit aan vlees, Walen het meest. Het verschil is behoorlijk groot. Zo spendeert een Waal 28,6 procent van zijn voedingsuitgaven en 3,5 procent van zijn totale uitgaven aan vlees. Voor een Brusselaar blijft dat beperkt tot 21,3 en respectievelijk 2,6 procent. Vlamingen zitten met hun aandeel vlees in de uitgaven tussen die twee uitersten in.

 

Vleeswaren

Jambon (Pixabay)

De charcuteriemarkt is een stabiele markt over de jaren heen. De Belg koopt zo’n 11 kg vleeswaren en besteedt er 128 euro aan. In 2016 kocht de Belg iets minder vleeswaren dan het jaar voordien maar door een hogere gemiddelde charcuterieprijs stegen de bestedingen wel lichtjes.

Binnen de vleeswaren lijkt er een einde te komen aan de groei van kalkoen- en kipbereidingen. De zoutwaren en de gekookte ham blijven de grootste segmenten en vertegenwoordigen elk een vierde van deze markt.

Meesterlyck deed het de voorbije jaren zeer goed en groeide zowel in marktaandeel als in aantal kopers maar stagneerde in 2016. 59 op 100 Belgische gezinnen kopen momenteel Meesterlyck-ham.

Voor vleeswaren is de ‘hard discount’ het afzetkanaal dat het meeste terrein wint. Met een marktaandeel van 35% komt het in de buurt van de marktleider ‘Dis 1’, dat 37% van de charcuteriemarkt in handen heeft.

Hard discount groeit

Qua distributie blijft ‘DIS 1’ het belangrijkste aankoopkanaal voor vers vlees met 41% marktaandeel. De slager (inclusief de superettes en de ambulante handel) stabiliseert en heeft een kwart van de markt in handen. Hard discount is binnen vlees een kleinere speler maar ontwikkelt zich snel. Dit kanaal verdubbelde zijn marktaandeel in acht jaar tijd en komt nu op 13%. De buurtsupermarkten blijven schommelen rond de 18% marktaandeel.